Nieuws

Hoe België een biotechmarktleider kan blijven

De OESO is nooit verlegen België een aanbeveling meer of minder onder de neus te schuiven, maar in het geval van biotechnologie is ons land de aanbeveling,” zet vicepremier Alexander De Croo.

We worden geprezen voor de kwaliteit van ons hoger onderwijs en nauwe samenwerking met de industrie. Het Vlaams Instituut voor Biotechnologie brengt 1.300 wetenschappers samen en is absolute wereldtop op het vlak van basisonderzoek. ThromboGenics, dat in 1985 begon als een spin-off van de KULeuven, is vandaag meer dan 1,4 miljard euro waard. Daarnaast wisten we dankzij de juiste fiscale stimuli kapitaal en investeringen aan te trekken om de spectaculaire groei van biotechland België mogelijk te maken. In 1990 telde ons land 2 ‘life sciences’ bedrijven, vandaag zijn dat er meer dan 120. Een recente studie van KBC telde na dat de ganse sector meer dan 11 miljard euro waard is, goed voor 30% marktaandeel in Europa en meer dan 30.000 hooggekwalificeerde jobs.

Om beloftevolle biotechbedrijven te helpen producten naar de markt te brengen, kunnen overheidsgaranties tijdens de laatste rechte lijn een goed instrument zijn

Concurrentie
Een levenslange garantie dat de zaken even goed zullen blijven draaien, is echter niet van deze wereld. Vooreerst is er de grotere concurrentie vanuit dynamische groeilanden zoals India en Rusland. Ten tweede zal de invoering van Basel III de kredietverlening van banken aan bedrijven  bemoeilijken. Ten derde zijn er  de grimmige  economische vooruitzichten die blijvende druk uitoefenen op de overheidsbegroting. Kortom, er zijn makkelijkere contexten denkbaar om als biotech bedrijf een terugbetalingsdossier in te dienen voor een nieuw geneesmiddel – zelfs wanneer de gezondheidsbaten ervan veelbelovend zijn.

Risico
Er is veel geld, tijd en risico bij de ontwikkeling van een biotechnologisch geneesmiddel gemoeid. Zo zal Thrombogenics naar alle waarschijnlijkheid pas 28 jaar na haar oprichting voor het eerst winst boeken. Slechts een fractie van de biotech ontdekkingen worden op termijn ook effectief gecommercialiseerd. Om de effectiviteit van een nieuw geneesmiddel te testen in een klinische omgeving en de medische meerwaarde ervan na te gaan (fase III) is al snel een budget tussen de 50 en de 100 miljoen euro nodig. Bedragen die  onze KMO’s niet zomaar bij hun huisbankier kunnen ophalen. Als een biotechbedrijf de financiering voor nieuwe ontwikkelingsfasen niet rond krijgt, is overgenomen te worden door een buitenlandse farma-gigant vaak de enige optie. Op die manier dreigt ons land enorme meerwaarden mis te lopen.

Rol van de overheid
Om beloftevolle biotechbedrijven te helpen producten naar de markt te brengen, kunnen overheidsgaranties tijdens deze laatste rechte lijn een goed instrument zijn. Maar om de rendabiliteit van investeringen op peil te houden, moeten we creatiever uit de hoek komen dan dat. Zo zouden we de terugbetaling van geneesmiddelen kunnen versnellen door te werken met voorlopige beslissingen waarbij de prijs en terugbetalingsgraad evolueren in functie van de geobserveerde medische baat. Als producten op de thuismarkt op een veilige manier, sneller op de markt kunnen gebracht worden, is dat een belangrijk positief signaal en een motie van vertrouwen voor innovatieve bedrijven uit eigen land.

Biosimilaire producten
Daarnaast zien we in ons land dat de prijs van generische producten relatief hoog blijft in vergelijking met onze buurlanden. We moeten dus de concurrentie op de postoctrooimarkt aanzwengelen. De helft van de bugettaire marge die zo vrijkomt, moeten we dan herinvesteren in de innovatieve sector. Hetzelfde moet mogelijk gemaakt worden voor biologische geneesmiddelen. Wanneer een biosimilair equivalent beschikbaar is, zou er een automatische prijsdaling van 25% moeten plaatsvinden, gelijkaardig aan wat vandaag al het geval is voor klassieke geneesmiddelen. In deze markt kan het aanzwengelen van de concurrentie enkel slagen als we de biosimilairen verankeren door het invoeren van specifieke richtgetallen. België is het enige Europese land waar vandaag geen enkele doos biosimilaire producten verkocht wordt. Nochtans zijn deze nodig om voor competitieve prijzen te zorgen en belangrijker: aan te zetten tot nieuwe productontwikkeling en innovatie in de sector.

Markleiderspositie behouden
Dat zijn geen ideeën in het ijle. Er is een erg concrete aanleiding om deze pistes te overwegen: vanaf 2015 verliezen meer dan 500 miljoen euro aan biologische geneesmiddelen hun octrooi op de Belgische markt. Laten we dit moment aangrijpen om in overleg met de sector te kijken hoe we de 125 miljoen euro optimaal kunnen herinvesteren. In de  innovatieve kracht van onze  biotech bedrijven maar even goed in correcte prijzen. Om onze marktleiderspositie te behouden zullen we met zijn allen moeten samenwerken: de innovatieve en generische industrie, de universiteiten en overheden.  Het is onze taak om samen een vervolg te breien aan dit Belgische succesverhaal.

Deze bijdrage verscheen in Mediaplanet, 22 mei 2013 (in bijlage bij De Standaard)

Contact

Alexander De Croo
Vicepremier en minister van Financiën en Internationale Ontwikkeling

  • Finance Tower
  • Kruidtuinlaan 50 bus 61
  • B-1000 BRUSSEL
Open vld omygod.be